[ Beginpagina | Zwetsboek | Bestuur | Leden | Foto's | Agenda | Prikbord | Motorlinks | Inhoud ]
 
Weekend Fontaines St.Clair - Hemelvaart 2001
 
Ik was al vroeg opgestaan die 24ste mei. Om 9 uur zouden we vertrekken en om de "boot niet te missen" was ik om 8:45 uur "bij "D'n Bes". Een kopje koffie kon ik nog wel nemen. Peter Timmers dacht er volgens mij ook zo over; hij was er als eerste. Nadat ik de koffie had besteld kwamen de motoren één voor één aan ronken. Ik zag ook een nieuw gezicht. Later bleek dat we om hem veel zouden lachen. Ook Hans van Kessel kwam nog langs om ons uit te zwaaien, want hij ging niet mee. Hij zocht een vervanger die het verslag wilde maken van dit uitstapje. Hij kwam naar mij toe en zei: "Het hoeven maar 11 A'4tjes te zijn. Ik zei toen dat ik wel zou zien op hoeveel ik uit kwam. Er verscheen een brede smile op zijn gezicht en hij was tevree. Hans telde 18 motoren en volgens hem konden we wel vertrekken. Het was al half tien. Daar gingen we, met een half uur vertraging en met mooi weer, achteraf gezien, een fantastische tijd tegemoet. Als Hans dat had geweten dan zou hij er wel met de fiets naar toe gereden zijn.

We toerden binnendoor en passeerden de grensovergang bij Lommel al om half elf. Dat is voor Kees van Nuland de hoogste tijd voor een rokertje. Toen Kees de broodnodige nicotine tot zich had genomen konden we hup weer op de motor. Daar ging de karavaan met Kees & Kees [b.m.w] en het busje voorop en de reis kon vervolgend worden. De tweede stop was bij Wavreille Rochefort (no. 48 op de routebeschrijving die Kees uitstekend volgde). De klok wees kwart voor drie en dus weer tijd voor een rokertje. "Als we nou maar voor het donker in Fontaines St.Clair zijn"; dacht ik nog. De motoren weer gestart en verder ging de club. Tot het de hoogste tijd werd om aan de benzine van de fietsen te denken. De custom Intruder van Jan zou spoedig droog komen te staan. Maar gelukkig kwamen we bij Bienvenie ál Ábbaije d' Orval aan en dat is een hele mond vol voor een plaatsje met benzinepomp. Toen ieder zijn motor had afgetankt, voelden de vrouwen hun blaas opkomen. Maar die kon daar niet geleegd worden; nee dat moest bij de pomp een paar honderd meter verderop gebeuren. Als we dat van tevoren hadden geweten dan waren we die eerste pomp voorbij gereden.

In Rochefort was van alles te doen. Een toneelspeelster stond er te hannesen bij de oversteekplaats met een stofzuiger in haar hand. De Pan-European-rijders, Willy en Henk, en Suzuki-rijder Marijn raakten door dat alles de kluts kwijt en reden achter een stel andere motorrijders aan. Toen we het plaatsje verlaten hadden, zag ik in mijn spiegel dat zij er niet meer bij waren en begon te toeteren. Peter Timmers ging naar voren om Kees & Kees op de hoogte te brengen. Omdat de twee heren van stevig doorrijden houden, nam dat nogal wat km's in beslag. Stoppen dus en zo kon Kees van Nuland er weer eentje opsteken (goed hè, Kees). Na een tijdje en enig mobiel gebel kwamen de verdwaalden weer aan en was de groep weer compleet. Wat later kwamen de racers er ook bij zodat er weer behoorlijk bijgepraat kon worden en Kees weer tijd had om er eentje op steken. Daarna gingen we weer verder. In Chiny had Ruud met zijn Wildstar nog een ongevalletje. Hij deed een motorrijdster na die net 15 minuten voor Ruud uit de bocht vloog en in een greppel tegen een verkeersbord aanreed. Ruud deed dit overigens zonder het paaltje te gebruiken. Voor hem bleef het bij een kapot linker knipperlicht en een beetje bleekjes rond zijn neus. De motor uit de greppel getrokken en verder ging het spul naar de volgende rustplaats. Dat was bij een oude watermolen aan een rustig kabbelend beekje. Daar kregen ze de bestelling van hun leven; 20 kopjes koffie s.v.p.! Na de koffie en een sigaretje weer verder. Rond zes uur voor de laatste keer tanken in België en dan de grens over. Het duurde nog een uurtje, Kees & Kees brachten ons vlekkeloos naar de motorboerderij "Jareba". Binnen de kortste keren zaten we welverdiend achter de koude goudgele rakkers. Het eten was goed maar sommigen hadden aan een schnitzel niet genoeg. Chris-Jan liet toen al merken dat hij als reisleider gewerkt had en zorgde ervoor dat iemand, een niet nader te noemen persoon, nog een half stuk extra kreeg. Na tien uur moest het van het plaatselijk gezag (de burgemeester en veldwachter) buiten rustig zijn dus naar binnen met dat motorvolk. Ik ben die avond nog gaan kijken of er nog wat te beleven viel in het plaatsje, maar ik kwam er spoedig achter dat het "uitgaanscentrum" de Motorboerderij "Jareba" was.

De slaapvertrekken waren van verschillende grootte. Ik sliep op een kamer van 8 personen want zoveel bedden had kamer nr. 6. Die nacht werden er verschillende bomen doorgezaagd. Bij de ochtendschemering waanden wij ons in een vrachtwagen voor Chinese illegalen, dus snel dat ene raampje open. De ochtendbries verfriste de ruimte. Om half 9 was bijna iedereen wakker en konden we aan een goed ontbijt beginnen. Het weer liet zich van haar beste kant zien. Er stond die dag een mooie tocht op het programma; dat is Kees van Nuland wel toevertrouwd. De eerste stop was Aubereville waar we wilden tanken. Garage Antonini was vergeten zijn pompen op te ruimen. Hij was al een tijd geleden met benzine verkopen gestopt. Dat doen ze wel meer in Frankrijk en België. Fabrieken en huizen zat die al op instorten staan maar er wordt niets opgeruimd. Kees maakte er maar een rust pauze van en dus tijd voor een shagje. Kees wou ook wel eens op de Suzuki intruder van Jan rijden. Hij stapte er op af als een cowboy naar zijn paard. De helm van Jan aan de kant gegooid en starten met dat ding. Hij reed een paar keer op en neer zonder helm, maar met peuk in de mond. Dat stond stoer; we hebben er wat foto's van gemaakt.

Toen we onze tocht weer vervolgden kruisten we de Maas een paar keer. Het landschap daar is prachtig. Zo ook de weggetjes. Later bleek dat Kees een speciaal foefje had om die weggetjes zo te rijden. Om een uur zaten we in Beaulieu weer op het terras. Wat franse gasten snoepten van grote sorbets en een van ons wist hoe je dat op zijn Frans moest bestellen. Maar de simpele ziel die daar voor ober speelde had daar weinig zin in. Dat werd dus alleen koffie en verpakte magnums. Onder het ijs eten verklapte Kees zijn "kaart- lees-geheim" en zijn "fantastische vaardigheid" om ons de mooiste plekjes te laten zien. Hij kijkt naar de wegnummers, maar ook naar de vaknummers op de kaart! Daar kunnen we dus veel van leren?!? Goed zo Kees, ga zo door. Met Kees voorop zat met deze rit Verdun er niet in. Net voordat we weer bij de motorboerderij aankwamen, moest Kees even stoppen om een shagje te roken.

De klok wees drie uur en of de duvel er mee speelde, daar kwam het groene busje aan. Angelique had in Verdun lekker koel drinken gekocht en dat ging er met die warmte goed in. Toen snel op de motor en dat laatste stukje naar Fontaines St. Clair. Op dat stukje raakten we Willy en Henk (Pan-European) weer kwijt. Marijn deed dit keer niet mee. Bij de boerderij aangekomen wilden nog verschillende rijders naar Verdun. Na een kopje koffie zijn we om vier uur weer op de motor gestapt. Verdun is een mooi stadje aan de Meuse (Maas). Op weg er naar toe kom je langs veel militaire begraafplaatsen van de eerste wereld oorlog. Hier heb ik een foto van gemaakt. Verdun heeft er in 1914-1918 flink van langs gekregen. Dat zie je nog aan al die monumenten ter nagedachtenis aan de grote oorlog, zo als de Fransen en de Belgen hem noemen. Na het pikken van een terrasje aan de Maas zijn we met de motor weer huiswaarts gekeerd, want de barbecue stond te wachten. We waren mooi op tijd. Er was veel vlees in allerlei smaken en er was ook rauwkost, dus smullen maar. Na de barbecue was het snel weer tien uur dus volgens de plaatselijke verordening, tijd om allemaal naar binnen te gaan. Chris-Jan gooide gelijk die avond zijn talent als reisleider in de strijd. Sommetjes met lucifers en trucs waarbij het servies aan te pas kwam. En niet te vergeten de truc hoe je bij iemand zijn orgasme kan meten. Het ging als volgt: men neme een diep bord, vult dat voor de helft met water en doe er wat zout, een beetje witte wijn en een mensenhaar in. De vrouw van Ben, die de tent daar in Fontaines St. Clair runde, was zo vriendelijk om een haar af te staan (het haar werd niet echt losgetrokken, maar net alsof). Angelique was het slachtoffer, zij zat tegenover Chris-Jan. Hij legde denkbeeldig het haar in het bord en vroeg aan Angelique waar het was gebleven. Maar Angelique had de truc door en sloeg met haar hand in het bord met de woorden: "hier is hij! Chris-Jan's gezicht was goed nat. Later op de avond had hij nog een trucje waar ik hem mee geholpen heb. Het tafelkleed was bedrukt met vierkantjes. Op een van die hoekjes moest iemand zijn glas neer zetten. Chris-Jan zat er met zijn rug naar toe en kon met zijn bovennatuurlijke krachten zeggen op welke hoek het glas was geplaatst.

Ik zat in het complot. Ik zette mijn wijnglas onopvallend op een zelfde hoek op mijn tafelkleed, dan wist Chris-Jan waar het glas stond. Bij de B.M.W. rijder Kees lukte dat goed maar de dames zaten wat verder weg, daar ging het vaak mis. Kees kreeg er later lucht van hoe het zat en wat mijn rol er in was. Hij sliep bij mij op de kamer en samen besloten wij dat Chris-Jan, de mislukte goochelaar, maar op de gang moest gaan slapen. We pakten zijn matras en wilden dat de deur uit doen, maar daar kwam Chris-Jan aan. Hij paste de jehova-truc toe. Hij zette zijn voet tussen de deur. Maar het lukte ons, de mislukte goochelaar stond op de gang. Dat duurde echter niet lang, want Ben, de baas van het spul, zei dat we stil moesten zijn, anders konden we alle drie buiten slapen. Chris-Jan liep triomfantelijk de slaapzaal weer binnen. Hij had nog een lekker toetje en graaide onder in zijn rugzak. Gloeiende, gloeiende, gloeiende, het pakje YogoYogo was lek geraakt en was bij zijn mobiele telefoon gekomen. Deze zat helemaal onder en deed het dus niet meer. Ik maakte nog een opmerking, als het mobieltje het weer zou gaan doen, deze automatisch het deuntje van YogoYogo zou gaan spelen. Kees vond dat een harde opmerking. Chris-Jan alsnog mijn excuses hier voor.

26 mei, tijd voor de terugreis. Ik stond er van te kijken dat iedereen om negen uur op de motor zat. We sliepen pas om 2 uur. Om kwart over tien reden we via Fagny België binnen. Ook deden we Rochefort weer aan om een frietje te eten en voor sommige onder ons om een shagje te roken. Na een kopje koffie gingen de Pan-European-rijders Henk & Willy over de snelweg naar huis. Die konden we dus niet meer kwijt raken.

Om drie uur rustten we nog voor Luik en om halfzes gingen we bij Lommel weer de grens over. Iedereen wilde onderhand wel naar Schijndel en dat voelde Kees feilloos aan. Dus bij Eersel de snelweg op en om tien over zes ploften we op het terras bij "D'n Bes" neer, moe maar voldaan. Ik heb nog wat foto's gemaakt en wil in de winter, als ik wat meer tijd heb, dit verslag met de foto's op een homepage zetten. Tegen die tijd zal ik jullie het internet adres geven.

Hans Prijs

MC Joy Ride Schijndel - De Uitlaatklep
5e jaargang - Nummer 13 - Juli 2001